De Maas als levensader
Globaal werd het Maasgebied begrensd door twee belangrijke verkeersroutes die aan zowel de linker- als de rechteroever de overstromingsgrens volgden. Op de linkeroever was dat de laat-Romeinse Heirbaan tussen Maastricht en Nijmegen. Op de rechteroever liep de zogenoemde Oude Weg, een mogelijk nog pre-Romeinse verbindingsroute die eveneens de hogere gronden langs de Maas volgde.
De Maas trok al vroeg mensen aan. De rivier fungeerde tegelijkertijd als verkeersader, handelsroute en verbindingsweg. Ondanks de risico's die het leven aan een rivier met zich meebracht, vestigden mensen zich op de hoger gelegen gronden. Generaties bewoners leerden leven met de grillen van het water.

Afbeelding boven: De Maasband in een web van Maasarmen.
Al in de Romeinse en Karolingische tijd, en waarschijnlijk ook daarvoor, vormde de Maas de ruggengraat van het Bisdom Luik en de Maasgouw, een gebied dat grotendeels overeenkomt met de huidige provincie Limburg. Scheepvaart, visserij, landbouw, veeteelt, jacht, mandenvlechterij, tolheffing, overzetveren, marktschepen, houtvlotten en schippersherbergen met paardenwissels zorgden voor werkgelegenheid en bestaanszekerheid in het Maasdal. Daar stond tegenover dat de bewoners regelmatig moesten omgaan met overstromingen en hoogwater.
Hoeve De Weerd vormde door de eeuwen heen een constante factor in een landschap dat voortdurend veranderde. In zekere zin is dat vandaag de dag nog steeds het geval.

Afbeelding boven: Hoeve de Weerd is steeds een constante geweest in een veranderd landschap.
Op ten Weerdt, onderdeel van Maasmechelen
De naam Weerd of Weert is afgeleid van wierde of waard: een door rivierarmen omsloten stuk land. De naam van zowel het gebied als de Weerterhof is waarschijnlijk een verkorting van Proostenweerd.
Tot in de negentiende eeuw behoorde de Weert tot Maasmechelen. De landsheer van Maasmechelen was de proost van het Sint-Servaaskapittel in Maastricht. Aan deze situatie dankt het gebied vermoedelijk zijn naam: Proostenweerd.
De bezittingen van het kapittel van Sint-Servaas waren in de middeleeuwen omvangrijk en strekten zich uit over grote delen van de Maas- en Rijnstreek. Deze rijkdom was grotendeels opgebouwd dankzij schenkingen van koningen, bisschoppen en pausen.
In Maasmechelen beschikte de proost over een kasteel, de parochiekerk, pachtgronden, leengoederen, tiendrechten, visrechten, vijvers, bossen en eilanden in de Maas. De kerk was gewijd aan de heiligen Monulfus en Gondulfus.
Waarschijnlijk werd Maasmechelen in de elfde eeuw aan Sint-Servaas geschonken. Daarvoor maakte het deel uit van een koninklijk domein waartoe ongetwijfeld verschillende domeinhoeven behoorden. Mogelijk was de Weerterhof een van deze vroege hoeven.
Voor het jaar 1000 was veeteelt in deze streek belangrijker dan akkerbouw. Gezien de uitgestrekte graslanden in het Maasdal is het goed mogelijk dat de oorsprong van de Weerterhof gezocht moet worden in een vroegmiddeleeuwse veehof.

Afbeelding boven: Het Hof van Oensel of het Kasteel Oensel was een kasteel in Maasmechelen. Het kasteel bevond zich in het gebied tussen de huidige Heirstraat, Parklaan en Dokter Haubenlaan. Het was de residentie van de proosten van Sint-Servaas te Maastricht, de heren van het dorp. Het kasteel verviel in de loop van de 19de eeuw en verdween op het einde van de eeuw.
Het is niet precies bekend hoe oud de Weerterhof is. De oudste bekende vermelding dateert uit 1520. In dat jaar gaf de Heer van Elsloo gronden op "Genen Werdt" uit aan "Dierick op ten Weerdt", een naam die rechtstreeks verwijst naar de huidige hoeve. In de zeventiende eeuw werd aan de hoeve de zogenoemde Mechelse Kamer toegevoegd. Dit was een afzonderlijk gebouw dat dienstdeed als schippersherberg en als schuttekamer (verenigingsruimte) voor de schutterij. Er stond ook een schietboom.
Vermelding St. Servaas: Bronnenboek nr. 59.
Schenking in 1130 van 15 bunder door Situs, gekocht van Arnold van Elsloo. Hieruit blijkt dat het moeilijk is om grenzen als een vast gegeven te beschouwen, zeker in het Maasdal.
Uit: Leengedingen Elsloo 1562-1572
Den 7 dach in februario anno 1563 is comen Jan Peter Henckens soon, ende heeft ontfangen voor hem ende alsullyck leen, daer Dierck opten Wyrdt der alte uytgestorven is. Betreffende de erfgenamen van "Diercks opten Weerdt": Noch een stuc opten Wyrdt ende boven die Maese (dus over de nieuwe Maas achter de Weerterhof, ook wel Nieuwe Maas genoemd). Voormaals voor den afloop was reyngenoot Jan Raemakers.
Opmerking: Hieruit blijkt dat de Maas zich heeft verlegd en achter de Weerd is gaan stromen, waardoor de gebieden tussen Vucht en de Nieuwe Maas afgescheiden werden van het gebied rond de Weerterhof.
Noch hebben sij een cleyn plak daer dat Aldt Huys voormaels op gestanden heeft en is ongedeylt bleven.
Opmerking: De huidige hoeve heeft dus een voorganger gekend op een andere plaats, maar wel in de directe omgeving van de huidige locatie.
Veranderingen in de loop van de Maas
Rond 1450 had de Maas niet alleen het kasteel, de kerk en delen van Elsloo weggespoeld, maar veroorzaakte zij ook stroomafwaarts, in de omgeving van de Weerterhof, ingrijpende veranderingen. Dit proces werd versterkt door een grote overstroming in 1643, waarna de loop van de Maas ook rond de Weert aanzienlijk begon te veranderen.
De gevolgen hiervan zijn terug te vinden in de archieven van Elsloo. Daaruit blijkt dat het landschap door de veranderende rivierloop ingrijpend werd heringericht. Er werden nieuwe dijken aangelegd en bestaande grenzen werden regelmatig opnieuw vastgesteld.

Kaart Marnix Haessen. De grenzen rond 1795. Bij de Maasband was zelfs een vijfgrenzenpunt (Leuth, Eisden, Vucht, Stein, Elsloo). Bruin: het gebied van Maasmechelen, Beige: Elsloo, Groen: Stein, Grijs: Leuth, Geel: Eisden, Paars: Vucht.

Afbeelding boven: Tranchotkaart 1803. De Weert in een landschap met littekens van de Maas. Het terrein rond de Weert is duidelijk met een haag omgeven. Direct aan de Weerterhof grenzend kan men tuin en boomgaard onderscheiden.

Afbeelding boven: kadastrale kaart 1840 (bron: Aezelproject)
De eigendomssituatie in 1842
- Maria Anna Lambrichts, boomgaard
- Graaf de Geloes, rentenier, boomgaard
- Kinderen Jacob Janssen
- Joris Lambrichts, landbouwer, boomgaard
- Jan van Mulken, landbouwer, weiland
- Jan van Mulken, landbouwer, tuin
- Jan van Mulken, landbouwer, poel
- Boerderij De Weert, Jan van Mulken, landbouwer
- Idem
- Idem
- Bij de Weert, Maria Anna Lambrichts, gebouw
- Boerderij De Weert, Maria Anna Lambrichts, gebouw
- Voetpad langs de Weert, mogelijk oud lijnpad
- Voetpad voor de Weert, tracé van een oude Maasloop

Afbeelding boven: de Weert in 1965, bevroren in de tijd.
Wegen rond de Weert
Tot in de zestiende eeuw werd de Weerterhof door de Maas van Meers gescheiden. Waar de hoeve oorspronkelijk op de linkeroever lag, bevindt zij zich tegenwoordig op de rechteroever van de rivier. Het mag een klein wonder heten dat de hoeve in de loop der eeuwen niet door de Maas is weggespoeld. Het verdwijnen van huizen en boerderijen door afkalving en overstromingen kwam in het Maasdal immers regelmatig voor.

De naam Pontegats verwijst waarschijnlijk naar een vroegere Maasovergang; het woord "pont" betekent veer. Achter de Weert lag en ligt bovendien een doorwaadbare plaats in de Maas. Deze oversteek vormde in het verleden een belangrijke verbinding tussen beide oevers en stond tevens bekend als een geliefde smokkelroute.
De Schutte- of Mechelsekamer
Door de veranderende loop van de Maas kwam de Weerterhof steeds meer geïsoleerd te liggen. De hoeve was van oudsher op Maasmechelen georiënteerd, waarvan zij bestuurlijk deel uitmaakte. Meers lag destijds -vanuit de Weert gezien- op de rechteroever van de Maas en de Weert op de linkeroever. Nadat de Maas haar loop verlegde, kwamen de Weert en Meers uiteindelijk aan dezelfde rechteroever van de rivier te liggen en gingen de bewoners zich steeds meer op Meers/Elsloo richten (waar ze overigens ook oorspronkelijk vandaan kwamen)
Volgens de overlevering bevond zich in de hoeve een zogenoemd "spingat", een opening waarmee lichtsignalen naar Maasmechelen konden worden doorgegeven wanneer hulp nodig was. De hoeve zelf was bovendien stevig gebouwd, met dikke muren en zware eiken poorten.
Mogelijk was de afgelegen ligging van de Weerterhof de reden om in de zeventiende eeuw de Schuttekamer, ook wel Mechelse Kamer genoemd, aan de hoeve toe te voegen. Deze ruimte diende als lokaal voor de schutterij van Maasmechelen en onderstreepte tegelijkertijd de aanwezigheid en eigendomsrechten van Maasmechelen in dit gebied.

Afbeelding: de Mechelse kamer ca. 1965
Als tegenprestatie voor de bescherming van de Weerterhof door de schutterij verplichtte de eigenaar zich jaarlijks een feest te organiseren op de feestdag van de heiligen Monulfus en Gondulfus, de patroonheiligen van Maasmechelen. Vermoedelijk vond dit feest plaats op 21 juli. De aanwezigen konden zich tegoed doen aan gebak uit eigen keuken en aan zelfgebrouwen bier.
In het dagelijks leven werd de zaal gebruikt als herberg. Ook aan deze herberg is een bijzonder verhaal verbonden. Bij de Maasband had de overheid een tolhuis laten bouwen, waar tevens een café werd geëxploiteerd. Veel schippers waren echter weinig enthousiast over het betalen van tol op de Maas. Uit protest betaalden zij weliswaar de verplichte heffing, maar meden vervolgens het café bij het tolhuis. In plaats daarvan zochten zij de Mechelse Kamer op, waar zij onder het genot van een stevige pul Weerter bier hun ergernis wegspoelden.
Bron: 05.10.1973 Limburgsch Dagblad

Foto boven: Guus Peters
Kooscheeters
De schutterij van Maasmechelen mocht van de proost jaarlijks een dag vissen in zijn wateren. Met de vangst werd op hun feestdag in de Mechelse Kamer een uitgebreid vissouper gehouden. Tijdens deze feestelijkheden werd ook om de koningstitel geschoten.
Volgens de overlevering hadden de Mechelaars tijdens een van deze bijeenkomsten iets te diep in het glas gekeken. Daardoor verliep het koningsschieten minder succesvol dan gepland. Het verhaal gaat dat een van de schutters niet de vogel, maar een koe van een inwoner van Stein wist te treffen.
Het nieuws verspreidde zich snel. Binnen korte tijd trok een grote groep inwoners van Stein naar de Weerd om verhaal te halen. De kapitein van de schutterij wist de gemoederen echter te bedaren door de eigenaar van de koe onmiddellijk schadeloos te stellen. Daarmee was het conflict opgelost.
De Mechelaars slachtten de koe vervolgens ter plaatse en maakten er gezamenlijk een maaltijd van. Sindsdien zouden de inwoners van Stein hun buren uit Maasmechelen spottend "Kooscheeters" zijn gaan noemen.
De komst van de Fransen in 1794 maakte een einde aan de band tussen de Mechelse Kamer en de schutterij. Zoals elders werden ook hier de schutterijen verboden, waarmee een eeuwenoude traditie ten einde kwam.

Afbeelding: Kaart 1942
De wegen en voetpaden rond de Weert in 1880
Ruijters-weg
Maakt eene verbinding met vorige koegriend Dijk-weg en volgende Veldjens-weg met de buutschap De Weert en met den Pontegats-voetpad .
Veldjens-weg
Dient ter verbinding van de koegriend Dijk-weg en vorige Ruijters-weg met den Pontegats-voetpad het Weertpadje. den Middel-veldjens-voetpad. den volgende weg op de Weert. den Achter veldjens-voetpad. den Middel-veldjens-weg . den Maasband’er-voetpad . den Batten-voetpad . en eindelijk met den klauwen-weg .
Weg op de Weert
Deze is bestemd om den vorige Veldjens-weg te verbinden met den Middel-veldjens-voetpad .met den voetpad voor de Weert. en met den volgende Middel-veldjens-weg.
Middel-veldjens-weg
Dienende om den voetpad voor de Weert en vorige Weg op de Weert te verbinden met den Middel-veldjens-voetpad met den Veldjens-weg en met den Maasband’er-voetpad .
Weert-voetpadje
Deze dient ter verbinding van den Heggen-voetpad . den Achter-veldjens-voetpad . en het volgende Weert-padje met den Beelen-weide-voetpad.
Weert-padje
Deze verbindt den Heggen-voetpad . den Achter-veldjens-voetpad . en vorig Weert-voetpadje met den Beelen-weide-voetpad . en met den Veldjens-weg (.
Beelen-weide-voetpad
Dienende om volgenden Pontegats-voetpad in verbinding te brengen met vorig Beelen-weide-padje met het Weert-voetpadje en eindelijk met het Weert-padje .
Pontegats-voetpad
Deze is bestemd om den Weg-achter de Heggen . in verbinding te brengen met vorige Beelen-weide-voetpad den Middel-voetpad . het Beelen-weide-padje . den Veldjens-weg . volgenden Voetpad-voor de Weert en eindelijk met den Ruiters-weg .
Voetpad-voor de Weert
Deze verbindt vorige Pontegats-voetpad met de Buurtschap de Weert met den Weg op de Weert. en met den Middel-veldjens-weg.
Bron: buurtwegen Voetpaden Elsloo, 1880
Afbeelding boven: De Weerterhof en ghen Heufft (Geneuth) op een kaart uit 1686
Ruzie met Geneuth
In 1563 verzoekt Aelberts op ghen Heufft de leenkamer van Elsloo een vergadering bijeen te roepen over een geschil tussen hem en de "kinderen op ten Wyrdt". De kern van het conflict was dat de Maas tussen Geneuth en de Weerd was komen te stromen. Hieruit kan worden afgeleid dat de gronden van Geneuth en de Weerd oorspronkelijk één geheel vormden.
Op de rechteroever was echter een perceel van Aelberts behouden gebleven. Door veranderingen in de rivierloop was dit stuk grond opnieuw aangeslibd. Aelberts beschuldigde de bewoners van de Weerd ervan zich dit perceel ten onrechte te hebben toegeëigend.
Bewoners door de eeuwen heen
Omdat de Weerterhof tot Maasmechelen behoorde, zijn voor nadere gegevens over de bewoners vooral de archieven van die plaats van belang. Ook in de Elsloose archieven komen bewoners van de Weerterhof voor, met name in verband met gronduitgiften. Daarnaast bevatten de kerkregisters van Maasmechelen, Stein en Elsloo enkele interessante vermeldingen.
Uit het parochieregister van Maasmechelen:
14-11-1621 overleden Coen op de Weerde, wonende over de Maas.
15-11-1664 overleden Barbara Wijnen, dochter van Joes Wijnen, wonende bij haar schoonvader Thijs op de Weerd over de Maas.
23-09-1665 gedoopt Jan, zoon van Petrus Wijnen, wonende over de Maas.
18-12-1670 overleden Maria Vranken, wonende bij haar schoonvader Thijs op de Weerd over de Maas.
24-02-1672 gehuwd Andries Didden en Getrud Thijssens, wonende op de Weerd over de Maas.
27-12-1795 gedoopt te Stein Maria Anna Lambrichts, dochter van Willem Weustenraed, wonende op de Weerd, parochie Mechelen.
In deze opsomming ontbreekt echter Joannes VandenBosch, van wie in de hoeve een gevelsteen bewaard is gebleven. Deze Joannes is de Jean uit het bekende verhaal van de drie hoeven in Meers. Anders dan de overlevering doet vermoeden, was hij niet van Franse afkomst, maar afkomstig uit Elsloo. Hij komt dan ook niet voor in de kerkregisters van Maasmechelen. Bovendien overleed hij niet op de Weerterhof, maar in de Dorpstraat 16 in Elsloo.
Uit het kerkregister van Elsloo:
10-03-1713 overleden Wijnkens Petronilla, wonende op de Weerdt, alwaar één huis staat en dat behoort tot de parochie Mechelen.
12-03-1716 overleden Brouns Petrus, wonende op de plaats genaamd Op de Weerdt, alwaar één huis staat en dat behoort tot de parochie Mechelen.
21-07-1743 huwelijk van Petrus Jansen en Maria Vandenbosch, afkomstig uit de Weert, parochie Mechelen, woonachtig op de Weert.
22-09-1781 overleden Vandenbosch Joannes (kleinzoon) wonende op de Werdt, parochie Mechelen. Overlijdensoorzaak: dysenterie.
Gevelstenen
In het Historiehuis van de Maasvallei bevind zich een gevelsteen die afkomstig is uit het pand aan de Dorpstraat 16 in Elsloo, waar hij op de binnenplaats in de muur was gemetseld. Het jaartal op de gevelstenen verwijst naar het bouwjaar van het pand. Het opschrift op deze steen luidt als volgt:
IHS
SIT NOMENDOMINI
BENEDICTUM
IOANNES VANDENBOSCH ENDE
PETRONELLA HAEGMANS ELUDEN
ANNO 1752

Joannes Vandenbosch, de grootvader van de hierboven genoemde kleinzoon, werd geboren te Elsloo op 9 augustus 1696, waar hij ook overleed op 6 april 1789 in de leeftijd van 92 jaar. Voor die tijd was dat zeer oud en hij was daarmee de oudste inwoner van Elsloo. Op 15 augustus 1748 huwde hij op 52 jarige leeftijd met Petronnella Haegmans. Dit was zijn tweede huwelijk, nadat hij eerder gehuwd geweest met Gertudis Wijnen. Tijdens dat eerste huwelijk woonde hij in de hoeve “Op De Weert”. In de gevel van deze boerderij bevindt zich eenzelfde gevelsteen met de volgende inscriptie:
IHS
SIT NOMENUMDOMINI
BENEDICTUM
IOANNES VANDENBOSCH
ENDE GETERUDUS WINEN
ELUYDEN
ANNO 1746

Afbeelding: Afweerkruisen naast de kleine poort. Het vee in het Maasdal werd in het verleden regelmatig getroffen door besmettelijke dierziekten, zoals miltvuur. Tegen dergelijke uitbraken stond men destijds vrijwel machteloos. Ten einde raad schilderde men kruisen en andere afweersymbolen op muren en staldeuren, in de hoop ziekte en onheil buiten de stallen te houden. De grijze plaat verbergt de gevelsteen uit 1746. Mogelijk verwijst dit jaartal naar de bouw van nieuwe stallen op de hoeve.

Afbeelding boven: Kaart 1726. Deze kaart maakt deel uit van een proces dat Jan Vandenbosch voerde tegen de Heer van Elsloo. Jan probeerde een toegangsweg af te dwingen door de oude Maasbedding naar Meers. Het verdere verloop van deze rechtszaak is niet bekend. Voor zover kan worden nagegaan, heeft hij de gevraagde toestemming niet gekregen.

Afbeelding boven: luchtfoto 1965. De eik was een markante, kaarsrechte Europese eik achter de Weerterhof. Die stond als een baken op het eindpunt van de Ruijtersweg. De eik is jammer genoeg gekapt tijdens de grindwinning.


Afbeelding boven: Overstroomd gebied in 1993. Goed zijn de hoogst gelegen delen zichtbaar, zoals de Weerterhof. De overstromingen in 1993 en 1995 maakten dat er maatregelen nodig waren om extreme hoogwaterstanden op te vangen. De oplossing werd gevonden in het uitdiepen van de winterbedding van de grensmaas. Dit betekende grootschalige ontgrinding en gelijktijdig creatie van een nieuw landschap.
Volgens de overlevering in Meers lag de Weerterhof vroeger op een eiland als er hoogwater was.

Afbeelding boven: de Weerterhof in de armen van de Maas.
Afbeelding onder: links 2002 voor de ontgrinding en rechts 2005 tijdens de ontgrinding.


Afbeelding boven: het oude landschap inclusief wegenstelsel verdween.

Afbeelding boven: het nieuwe landschap.
Afbeelding onder: 2026 Wijngoed Weerterhof
